Dit is waarom een razend drukke carrière steeds minder aantrekkelijk wordt

Raf Simons, Garance Doré, Leandra Medine: allemaal deden ze een stapje terug.

Meest gelezen

Er is iets gaande in de modewereld. Ontwerpers en bloggers trappen op de rem. Steeds meer designers zien het niet zitten om jaarlijks zes collecties of meer te produceren, op te draven bij tientallen events en non-stop cool te doen op social media. Demna Gvasalia en zijn Vetements-team besloten niet meer deel te nemen aan de modeweken en verruilden zelfs modewalhalla Parijs voor Zürich, een stad die consequent opduikt in lijstjes van saaiste steden ter wereld. Raf Simons verliet eerder na drie jaar Dior en schreef in zijn statement dat zijn beslissing 'helemaal is gebaseerd op mijn wens om me op andere interesses in mijn leven te richten, waaronder mijn eigen merk, en de passies die ik heb buiten mijn werk'. Nu is hij creative director van Calvin Klein – eveneens geen rustig kabbelende baan, maar minder hectisch dan zijn functie bij Dior. Ook een aantal modebloggers doet het kalmer aan. Garance Doré kreeg een burn-out en stopte met het aflopen van modeshows, schroefde haar productie voor haar website naar beneden en verkaste van jachtig New York naar chill LA. Het team achter modeblog Man Repeller is dagelijks minder stukken op de website gaan plaatsen.

Advertisement - Continue Reading Below

Al deze mensen zijn misschien in theorie best in staat om tachtig uur per week te werken. Maar ze erkennen dat dat simpelweg niet ideaal is. Van 's ochtends vroeg tot 's avonds laat ideeën vormgeven, mails beantwoorden, vergaderen, rapporten doornemen, research doen, budgetten inspecteren, meer mails beantwoorden? Zes à zeven dagen per week? Nee bedankt, er moet wel tijd overblijven voor een privéleven. Voor de meesten dan toch. Er zijn types als Karl Lagerfeld, die waarschijnlijk nooit met een zak chips ligt te netflixen en zelfs op de wc nog zit te schetsen. Maar anderen vallen eerder ten prooi aan stress. En willen vrienden zien, tijd met familie doorbrengen, er een hobby op na houden. Zeker millennials als de vrouwen achter Man Repeller. Uit elk onderzoek naar hun voorkeuren komt rollen dat ze een goede balans tussen werk en privé belangrijk vinden – belangrijker dan status en een dik salaris. Vorig jaar rolde deze conclusie nog uit research door vacatureplatform Monsterboard.

Er zijn grote merken die met haar willen samenwerken en haar ontwerpen zijn vaak uitverkocht. Maar haar bedrijf uitbreiden? No way.

Meest gelezen

De topposities bij de grote modehuizen bieden vooralsnog weinig ruimte voor een relaxed evenwicht tussen werk en privé. Maar elders zien mensen mogelijkheden om het rustiger aan te doen. Garance Doré dacht dat ze aan de lopende band stukken moest schrijven voor haar site en opdraven op elke modefuif. Op een gegeven moment zag ze in dat ze zichzelf gevangen hield in verwachtingen die vooral bij haarzelf leefden. Ze stopte met loeihard werken en schreef: 'Ontspannen en najagen wat je gelukkig maakt, dan wordt het pas interessant.'

Er zijn ook modetypes die hun business altijd al anders hebben ingericht. Jesse Kamm bijvoorbeeld, een ontwerper uit Californië die elegante basics maakt. Waarschijnlijk heb je nog nooit van haar gehoord en dat is helemaal aan haarzelf te danken. Er zijn grote merken die met haar willen samenwerken en haar ontwerpen zijn vaak uitverkocht. Maar haar bedrijf uitbreiden? No way. Er moet namelijk genoeg tijd overblijven om te surfen, haar zoon 's middags van school te halen en maandenlang in haar afgelegen vakantiehuis in Panama te verblijven. Dan maar niet de naam op ieders lippen in New York en Parijs, en dan maar geen miljoenenbusiness. 'For me, freedom is wealth,' zei ze in The New York Times.

Hersenyoga

Het klinkt zo voor de hand liggend, vrije tijd prefereren boven een dikke portemonnee. En toch voelt het revolutionair. Zomaar kiezen voor minder werken, in deze onzekere economische tijden? Ben je wel helemaal jofel? Of: is het juist een sign of the times? Niet alleen in de mode steken mensen een middelvinger op naar een moordend werktempo en volledig volgeplande levens. Instagram staat vol types die leven vanuit een camper of met vrienden een bescheiden zaak hebben opgezet in plaats van carrière te maken bij een multinational. Natuurlijk maken ze ook gewoon het beste van de minder dan ideale omstandigheden; goede banen, laat staan dikbetaalde, liggen nu eenmaal niet voor het oprapen. Maar ze hebben ook gezien dat constant werken als een dolle niet gelukkig maakt en overmatig consumeren ook niet. Ja, die millennials dus, die heus aan de slag willen maar de rest van hun leven ook de ruimte willen geven.

Pillay vergelijkt focussen met het gebruiken van een zaklamp; je ziet alleen wat er zich in de lichtstraal bevindt. Werk je lange tijd als een bezetene, dan ontgaat je wat er daarbuiten te zien is.

Advertisement - Continue Reading Below

Ze hebben gelijk. Niet alleen is het vrijwel altijd een goed idee meer tijd te stoppen in familie, vrienden en hobby's – weinig mensen hebben op hun sterfbed spijt dat ze niet wat meer overgewerkt hebben. Maar: het zou zelfs kunnen dat mensen die vaker op de rem trappen beter zijn in hun werk. In september kwam het boek Minder focus, meer effect (Kosmos) van neurowetenschapper en psychiater Srini Pillay uit. Hij stelt dat altijd maar gefocust zijn er juist voor zorgt dat je prestaties achteruitgaan. Tuurlijk, focus is belangrijk. Maar Pillay vergelijkt focussen met het gebruiken van een zaklamp; je ziet alleen wat er zich in de lichtstraal bevindt. Werk je lange tijd als een bezetene, dan ontgaat je wat er daarbuiten te zien is.

Advertisement - Continue Reading Below

Je moet kunnen focussen én ontfocussen. Want tijdens die momenten waarop je je niet ingespannen op één ding richt, ontstaan de beste ideeën. De neurologie heeft aangetoond dat een ontspannen brein energieker is en beter in staat tot innovatie. Het legt makkelijker verbanden en is creatiever. Waarschijnlijk herken je dat wel: vaak komt de oplossing voor een probleem niet als je je er blind op blijft staren, maar terwijl je onder de douche staat of de hond uitlaat. Pillay zelf maakte in zijn jonge jaren tot zijn verbazing mee dat hij betere cijfers voor zijn studie haalde als hij niet constant zat te blokken en tijd maakte voor pauzes en hangen met vrienden.

Meest gelezen

Doe maar niks

Het is geen wonder dat mensen die in de mode werken niet gedijen bij constante races tegen de klok. Zij moeten steeds een beroep doen op hun creativiteit: kledingstukken ontwerpen, outfits stylen, stukken schrijven. Dat wordt lastig als hun brein zelden ontspannen lenige sprongetjes kan maken tussen ideeën en gedachten. Ontwerpster Jesse Kamm zegt over de lange periodes die ze doorbrengt in haar vakantiehuis: 'Mijn tijd in Panama is altijd een extreem creatieve periode voor me en maakt het mogelijk dat ik succesvol ben in mijn werk.' Relaxen is geen tijdverspilling, het is hard nodig. Dat geldt ook voor anderen in creatieve beroepen. Sophie van der Stap, wier nieuwe roman De mogelijkheid van jou (Prometheus) net is verschenen, zegt erover: 'Ik denk dat ik de meeste van mijn ideeën buiten op straat opdoe, tijdens wandelingen, op terrasjes of lange tafelgesprekken, en dat ik thuis in mijn bubbel de inspiratie vind om ze uit te werken. De vrijheid en ruimte die ik overdag tussen mijn eigen muren of wandelend over straat ervaar, heb ik absoluut nodig om na te denken en mijn werk te doen, en ik laat maar weinig mensen of gerommel in die ruimte toe.'

Ook de manier waarop je je vrije tijd inricht doet ertoe: als je elke minuut besteedt aan het staren naar je smartphone, zul je niet overspoeld worden door aha-momenten.

Het zijn echter niet alleen creatieven die hun inspiratie hard nodig hebben. We kunnen die allemaal wel gebruiken. Bij allerlei soorten banen, om zaken anders te kunnen aanpakken of nieuwe mogelijkheden te bedenken. Gewoon voor het leven zelf, om een kamer opnieuw in te richten, een relatieprobleem aan te pakken of toekomstplannen te maken. Allemaal dingen die je in een ander, helderder licht ziet als je je brein laat waaien. Maar daar moet je plaats voor maken. Ultralange werkweken en de bijbehorende stress zijn funest. Maar ook de manier waarop je je vrije tijd inricht doet ertoe: als je elke minuut besteedt aan het staren naar je smartphone, zul je niet overspoeld worden door aha-momenten.

Want laten we het ook nog even over die telefoon hebben: daar vullen we ondertussen een flink deel van ons leven mee. We schieten er weinig mee op wat die broodnodige geestelijke lenigheid betreft. Tuurlijk, af en toe vinden we inspiratie op de smartphone – op een interieursite bijvoorbeeld, voor een tof nieuw bankstel. Maar dat is iets anders dan de fonkelnieuwe ideeën die ontstaan als je je gedachten de vrije loop laat tijdens een strandwandeling of goed gesprek dat duizend zijpaadjes inslaat. Smartphones kunnen zelfs in de weg staan van straffe inzichten, ook al worden ze niet gebruikt. Onderzoek van de Universiteit van Texas toonde aan dat de prestaties van het brein achteruitgaan als er een smartphone in de buurt is. Mensen die tijdens een test van hun cognitieve capaciteiten hun telefoon bij de hand hielden, scoorden significant slechter dan degenen die hun telefoon moesten achterlaten in een andere ruimte. Blijkbaar leiden mobieltjes altijd af.

Het leven zit vol, overvol. Met werk, dat ons ook als we thuis zijn achtervolgt op onze smartphones. En met al het andere waarmee onze telefoons onze tijd kunnen verdoen. Waar is de stilte, de tijd om je misschien zelfs wel een beetje te vervelen? Vroeger kwamen die momenten aanwaaien, nu moet je vaak ingrijpen in je leven om ze te vinden. Doe het. Niet alleen word je domweg gelukkig van een florerend privéleven; als je de tijd neemt om niks nuttigs te doen, schiet je daar stiekem juist veel mee op.'

Dit artikel verscheen eerder in ELLE.