-
Garneren
Een gerecht mooi versieren. Hiervoor heb je bijvoorbeeld een aardappelschilmesje nodig. Bijvoorbeeld met toefjes peterselie, plakjes augurk, plakjes tomaat, chocoladevlokken.
-
Geleren
Dit is het stevig worden van vloeistoffen door afkoeling.
-
Glazuren
Garneren van gebak met bijvoorbeeld suikerglazuur of gesmolten chocolade.
-
Gratineren
Dit betekent dat je in de over of onder de grill met alleen warmte van boven, een gerecht een goudgeel korstje geeft.
-
Grilleren / grillen
In de oven of op de barbecue garen met weinig of geen vet door middel van stralingshitte.


