4 plakjes roomboterbladerdeeg (diepvries)
2 el roomboter
8 rode uien, in dunne halve ringen
2 el verse tijmblaadjes
400 g witlof
100 g zachte jonge geitenkaas
1 ei, losgeklopt
versgemalen peper
Extra: bakpapier
BEREIDING
Verwarm de oven voor op 210°C. Laat de plakjes bladerdeeg ontdooien. Verhit 1 el boter in een koekenpan. Voeg de uien toe en laat ze op laag vuur ca 20 min stoven. Voeg de tijm en zout en peper naar smaak toe.
Snij intussen 1 cm van de onderkanten van de stronkjes witlof af.Snijd de stronkjes over de lengte doormidden en snijd ze vervolgens in lange dunne reepjes. Verhit de rest van de boter in een ruime koekenpan en roerbak de reepjes lof ongeveer 8 minuten tot ze mooi goudbruin zijn. Voeg zout en peper toe. Schep de reepjes uit de pan en laat ze op een bord afkoelen.
Leg de plakjes bladerdeeg (met de bebloemde kant naar beneden) in een vierkant op een bakplaat met bakpapier. Druk de naden van de plakjes deeg met je vingertoppen goed aan elkaar vast. Verdeel de uien gelijkmatig over het deeg. Leg het witlof erop en brokkel de geitenkaas erover, maar laat aan de randen ongeveer 2 centimeter vrij. Bestrijk de randen deeg met het ei. Bak de taart in het midden van de oven in 20-25 minuten goudbruin en gaar. Snij de taart in stukken en serveer er een salade bij.
IN HET GLAS:
Bij de geitenkaas past een lekkere wijn van de sauvignon-druif, zoals pouilly fumé of sancerre of een fruitige maar droge rosé.




