2 el olijfolie
16 grote coquillenoten zonder koraal
3 cm verse gemberwortel, geschild, in flinterdunne reepjes
limoensap, om te besprenkelen
Voor de koekjes:
50 g hazelnoten
125 g volkoren- of speltmeel
80 g koude boter, in blokjes
1 klein ei
zout, versgemalen zwarte peper
bloem, om te bestuiven
Extra: keukenmachine, plasticfolie, ronde uitsteekvorm van Ø 7 cm (of een glas), met bakpapier beklede bakplaat
BEREIDING
Maal voor de koekjes de hazelnoten in een keukenmachine tot poeder. Voeg meel, boter, ei, ½ tl zout en 1 mespunt peper toe en meng tot een samenhangend deeg. Voeg als het deeg te plakkerig is nog wat extra meel toe. Wikkel in plasticfolie en laat 1 uur in de koelkast rusten.
Verwarm de oven voor op 180ºC. Rol het deeg dun uit op een met bloem bestoven werkvlak. Steek 16 koekjes uit, leg ze op de beklede bakplaat en bak ze 10-15 min in de oven. Laat afkoelen.
Verhit vlak voor het serveren de olie in een ruime koekenpan. Dep de coquilles droog met keukenpapier en bak ze ½-1 min per kant tot ze licht goudbruin zijn. Bestrooi met zout en peper. Schep uit de pan en bak de reepjes gember heel kort. Leg op elk koekje een coquille en verdeel de reepjes gember erover. Besprenkel met limoensap.




