> 300 g volkorenbloem> 200 g tarwebloem> 7 g gedroogde gist> 10 g zout> 4 eetlepels olijfolie> 12 knoflooktenen, gepeld> 8 stukjes halfgedroogde tomaat> verse rozemarijn, gerist van 2 takjes
Schep de twee bloemsoorten en gist in een kom. Voeg het zout en 350 ml water toe en meng tot een vochtige homogene massa. Schep het deeg op een glad werkvlak en kneed het tot een samenhangend deeg. Leg in een kom, dek af met plasticfolie en laat 1 uur op een warme, tochtvrije plek rijzen. Verhit ondertussen de olie in een koekenpan en bak de knoflooktenen op heel laag vuur 20 min, tot ze goudbruin en zacht zijn. Prak ze grof met een vork en laat helemaal afkoelen in de pan. Schep de tomaatjes en grof gehakte rozemarijn erdoor.
Rol het deeg uit tot een grote rechthoekige lap van 30x40 cm. Verdeel de vulling erover en vouw het deeg aan een kant tot tweederde dicht. Sla het overgebleven derde deel erover, zodat een rechthoekig met drie lagen ontstaat. Snij het deeg overdwars in 3 stukken. Leg elk deegstuk op een bakplaat met het snijvlak naar boven zodat de vulling zichtbaar wordt. Druk ze wat platter. Dek af en laat het deeg nog 1 uur rijzen. Verwarm ondertussen de oven voor op 230°C en schuif de broodjes in de oven. Bak in 25 minuten goudbruin en gaar.






