Interview: Bombay Show Pig

Aan de start van een booming carrière: we spreken de leden van het vijftig procent Haagse en vijftig procent Amsterdamse indierockduo Bombay Show Pig.

Meest gelezen

Bombay Show Pig (naam bestaand uit willekeurige woorden uit idem tracks) begon als trio maar besloot dit jaar, zonder vocalist, verder te gaan als man-vrouw-duo à la The White Stripes en The Kills. Een goeie zet, zo bleek. Mathias Janmaat (vocals, gitaar, samples) en Linda van Leeuwen (vocals, drums, samples, toetsen) mochten optreden in DWDD, werden geboekt voor Noorderslag, Oerol en Metropolis en ontvangen louter lovende recensies. Hun debuutalbum Vulture/Provider (sinds kort uit) heeft een ruige sound in de trant van Arcade Fire, de Yeah Yeah Yeahs en – daar zijn ze weer – The Kills. En de plaat werd, in de Kytopia-stal (label/muzikale broedplek opgericht door Kyteman), geproduceerd door Simon ‘C-Mon & Kypski’ Akkermans. Meer dan de hoogste tijd voor een onderonsje.

Advertisement - Continue Reading Below

 
Slapeloze nachten gehad voor de albumrelease?
M: ‘Eigenlijk niet. Je bent op een gegeven moment zo lang bezig met het album dat je er helemaal in zit en het je eigenlijk ook niet zo erg meer bezighoudt wat de reacties gaan zijn. Maar het is wel heel leuk om eindelijk het eindproduct te zien na zo’n lange, maar leuke tijd van hard werken.’
L: ‘Ik vond onze allereerste presentatie aan vrienden, familie en andere artiesten van Kytopia wel heel spannend hoor. Maar alle reacties waren heel positief.’

Meest gelezen

 
Jullie bandtransformatie wordt door de media ook positief ontvangen. Wat is het geheim van een goede bandsamenstelling?
M: ‘Er is niet echt een geheim. Het was gewoon de juiste keuze met zijn tweeën verder te gaan. Op deze manier kunnen wij meer onze persoonlijkheid in de muziek leggen.’

 
Jullie stonden in het voorprogramma van Shaking Godspeed.
L: ‘Dat was heel leuk. Het was natuurlijk niet onze eigen clubtour, maar wel een hele goeie test om alvast onze live-set te testen en zoveel mogelijk bij te schaven, zo vlak voor het festivalseizoen.’

 
Sommige nummers klinken alsof er tientallen muzikanten meespelen. Hoe lossen jullie dat live op?
M: ‘Het voordeel is dat alle nummers op akoestische wijze tot stand zijn gekomen. Dus live kun je veel weglaten en het nummer nog steeds goed brengen. Vaak vinden mensen dat ook heel mooi, als je een nummer live akoestisch speelt.’
L: ‘Dan dwing je ze echt stil te zijn en te luisteren naar het liedje, terwijl ze bij een nummer met veel herrie, op een groot festivalpodium, gewoon door je heen kunnen praten.’

 
Hoe groot is de eer in de Kytopia-stal terecht te komen?
M: ‘Als je erin zit is het niet zo’n groot ding. Achteraf denk je wel: wat tof dat we daar mochten opnemen. Maar binnen die club heeft iedereen veel respect voor elkaar. Het leuke is dat je alles om de hoek hebt. Als we bedachten dat het wel leuk zou zijn om een bepaald instrument te gebruiken, konden we gewoon bij de buren terecht.’

 
Veel gekke instrumenten gebruikt?
M: ‘Het leek mij leuk om een zingende zaag te gebruiken. Ik ging jaren terug al op zoek naar zo’n ding, maar erop spelen is toch moeilijker dan je denkt. Het bleek ook dat ik hem de eerste drie jaar op zijn kop vasthield. En er kwam eigenlijk alleen [maakt lelijk snerpend geluid] uit. Toen heb ik er toch maar iemand bijgehaald die er iets meer verstand van had.’

 

Jullie schromen een gewaagde podiumlook niet. IJdel?
L: ‘Vroeger droegen we een soort maskers tijdens optredens. We dachten dat het heel tof was als we een bepaalde afstand creëerden tussen ons en het publiek.’
M: ‘Als we nu een band zien die hetzelfde doet, denken we altijd ‘neeee, doe het niet!’ Zó erg.’
L: ‘Bovendien zou het nu ook helemaal niet meer passen, want we maken juist hele persoonlijke nummers.’

 
Dus de maskers zijn exit, maar hoe staat het met de ijdelheid?
L: ‘We besteden wel aandacht aan wat we dragen. Tijdens een optreden kun je nog nét iets verder gaan. Maar geen Florence The Machine-gewaden hoor. Die vind ik heel tof staan bij haar, maar dat zou voor mij niet handig zijn. Ik moet goed kunnen bewegen op het podium.’

 
2012 is nu al jullie jaar. Wat moet er nog meer gebeuren om het helemaal speciaal te maken?
L: ‘We zouden natuurlijk heel graag een tweede album maken en daarna nog een derde en een vierde... In de herfst gaan we onze eigen clubtour doen, dus dat wordt heel spannend.’
M: ‘En het zou heel leuk zijn als we ook op meer podia in het buitenland kunnen staan.
L: Toevallig hebben we nét twee festivals in het buitenland bevestigd gekregen, waar we heel veel zin in hebben, maar we mogen helaas nog niet vertellen om welke het gaat.’

 
Tot slot nog wat hersenbrekers: duo of solo?
L: ‘Haha tja een band met alleen een drummer is ook niet best.’
M: ‘Ik en mijn zingende zaag. Ik kies solo! Haha.’

 
Paard van Troje of Paradiso?
M: ‘Paradiso!’
L: ‘Ja, dat moet ik toch ook wel toegeven. Sorry Paard!’

 
Europa veroveren of aan de bak in de States?
M: ‘Amerika is toch ook wel erg interessant. Onze sound doet het zeker goed daar. We proberen in ieder geval, waar we ook zijn, altijd zoveel mogelijk podia mee te pikken.’

 
Fulltime muzikant of nooit meer hoeven werken?
Beiden volmondig: ‘Fulltime muzikant!’

 
Bombay Show Pig staat o.a. 20 juni op Oerol Festival en 1 juli op het Metropolis Festival. Ga naar www.bombayshowpig.com (met coole art work van Gees Voorhees!) voor meer tourdata. Het album Vulture/Provider koop je hier. Bekijk hieronder de nieuwste single Shackles and Chains...