'Een jongen van onze leeftijd en haar ex, zat de hele tijd aan Gisela’s Trikot'

Schrijver Philip Huff mag voetbal kijken. Met haar!

Meest gelezen

Het is wat, de huis-tuin-en-keukenperikelen in de liefde. Maandelijks bericht een man erover in ELLE. Nu het einde van het jaar langzaamaan nadert, dachten we: wat een mooi moment om de zielenroerselen van 2015 in de herhaling te gooien. Een herinnering van schrijver Philip Huff.

We liepen door het park, het was de dag van de finale van de Champions League. Bayern speelde door een speling van het lot – en een goede campagne, natuurlijk – een finale in eigen thuisstad. Het gras lag vol met Engelsen en Duitsers in blauwe en rode shirts. Ze zongen om en om liederen. Ouders en kinderen liep hand in hand en droegen donkere shirts met de datum erop. En: München. UEFA Champions League Final.

Advertisement - Continue Reading Below

We waren op zoek naar bier om mee te nemen naar het appartement – iets waar zij aan had gedacht, natuurlijk. De flessen bier waren overal uitverkocht. We kochten blikjes. En chips. De stoep van de Leopoldstrasse stond vol met mensen, alsof er een popfestival aan de gang was. Er zaten veel mooie meisjes bij – blond, blauwe ogen, het haar in twee vlechten, alsof ze uit een fabriek kwamen – en ik voelde dat ze zag dat ik keek. Daar begint het rafelen: bij blikken waarvan je niet wilt dat ze worden gezien, maar je kunt jezelf niet bedwingen. Bij blikken die je niet wilt zien, maar zij kan zichzelf niet bedwingen.

Meest gelezen

Zíj wilde het voetbal kijken, ik niet.

In het appartement waren alle tafels en lampen opzij gezet, een bed stond op zijn kant tegen de muur. De ruimte was gevuld met klapstoelen, rondom twee banken, er was een bureaustoel. De meisjes zaten vooraan, in het rood. De jongens droegen Bayern-shirts en lederhosen. Ik was de enige in normale kleding en voelde me opgelaten. Door de opwinding gingen de gesprekken snel, te snel. Ik volgde niet alles.

Liefde kent geen grenzen zeggen ze, en de taal van de liefde is universeel – maar Zuid-Duits is een vrij lokale taaluiting en sluit buitenlanders gemakkelijk buiten. Wat eerst leuk was, mijn onbeholpenheid in het Duits, was nu een handicap.

Die bewoner van het appartement, een jongen van onze leeftijd en haar ex, zat de hele tijd aan Gisela’s Trikot.

Ik dacht: waarom laat je hem zo aan je zitten?

Bayern had veel kansen, maar scoorde maar één keer, vlak voor tijd. Het was een jongen uit een dorp naast München. Ik hoorde de stad om ons heen ontploffen. Er moesten nog vijf minuten worden gespeeld. De Engelsen kregen één corner, drie minuten later. Hij ging erin. Toen werd het stiller. De wedstrijd eindigde in 1-1. Er moest worden verlengd. Het leek of de Duitsers het ongeluk over zichzelf afriepen.

Maar Drogba, de onverzettelijke Ivoriaanse spits die vlak voor tijd de gelijkmaker had gemaakt, veroorzaakte in zijn eigen strafschopgebied een penalty.
Het geloof was terug. Net als de opwinding. Gisela en haar ex schreeuwden in elkaars gezicht. De enige Nederlandse speler van Bayern wilde de strafschop nemen. ‘Ja!’ riep iemand. Ik vond het geen goed idee.
Hij miste. En iedereen keek mijn kant op. Ook Gisela.
Tijdens de penaltyreeks stond ik in mijn eentje op het balkon bij de keuken. Buiten op straat waren twee politiebussen met een elftal agenten met rellen-uitrusting voorgereden. Door de geluiden van beneden begreep ik dat Bayern had verloren. De politie was opgelucht. Ik niet.

Een jongen in lederhosen en blote voeten in brogues kwam de keuken binnen. Hij nam een biertje uit de ijskast, een blikje. ‘Zoiets maak je een keer in je leven mee,’ zei hij – hij zei het echt – ‘en nu is het voorbij.’ Hij opende het biertje. ‘Jij ook?’
Ik knikte.
De jongen gaf me het blikje, draaide zich om en pakte er nog één. Hij nam een slok. ‘Maar: dit gaat ook weer voorbij.’

Gisela kwam de keuken binnen. Ze keek me niet aan. Ze pakte een biertje.

‘Zo is het ook,’ zei de jongen. ‘Het gaat ook weer voorbij.’

Philip Huff (1984) debuteerde in 2009 met Dagen van Gras. Zijn tweede roman Niemand in de stad verscheen in 2012, een jaar later gevolgd door de verhalenbundel Goed om hier te zijn. Eind vorig jaar verscheen de roman Boek van de doden.

'Hou je van me?' Yuki Kempees: 'Met mijn vingers schreef ik 'ja' op haar rug' >