Als je alle wetenschappelijke onderzoeken bekijkt, maakt dit een mens het meest gelukkig

We willen het allemaal, ons hele leven lang. We zoeken het, maken het, hebben het, verliezen het en krijgen het weer terug. Geluk zit in kleine hoekjes. Cliché, maar waar, blijkt uit verschillende recente onderzoeken. Gelukkig worden doe je zo.

Ben je gelukkig? De kans is groot dat het antwoord ja is. 87 procent van de Nederlanders zegt gelukkig te zijn, volgens een onderzoek uit 2015 van het Centraal Bureau voor de Statistiek. Dat klinkt als wel heel erg veel. En al die zeurpieten in de supermarkt dan, en al die chagrijnige rotkoppen 's ochtends in de bus? Maar het is niet alsof iedereen die zich gelukkig noemt schaterlachend over straat dartelt, links en rechts kleuters over het hoofd aaiend. Geluk ziet er vrij gewoon uit. Professor in de psychologie Sonja Lyubomirsky doet onderzoek naar geluk en omschrijft een gelukkig bestaan als een plezierig, tevreden leven – niet als een toestand van stuiterende euforie.

Misschien is het een probleem van grote steden, waar bestaan alleen al zenuwslopend is.

Advertisement - Continue Reading Below
Advertisement - Continue Reading Below

Sommige groepen zijn gelukkiger dan anderen. Tussen de 35 en 45 jaar hebben mensen het vrij zwaar met hun aftakelende ouders en midlifecrises. Bejaarden zijn vaak dik tevreden en twintigers ook. Mensen die in de stad wonen rapporteren lagere geluksgevoelens dan plattelandsbewoners. Stress speelt daarbij een flinke rol. Leandra Medine, opperhoofd van modeblog Man Repeller en woonachtig in New York, schreef onlangs een blogpost over geluk en stress. 'Misschien is het een probleem van grote steden, waar bestaan alleen al zenuwslopend is. […] Maar ik weet dat als je vele uren per week werkt, paniek voelt opdoemen als de zon op zondag ondergaat en door de week wakker wordt met een hartslag van 98 – maakt niet uit hoe veel je van je baan houdt, hoe vervullend je zegt dat die is, hoe vaak je mediteert en met je moeder praat – je dan niet gelukkig bent.' Dat geldt ook voor Medine zelf. Ze weet niet hoe ze in het moment moet leven, ze is altijd maar bezig met het volgende dat ze moet doen.

Het goede nieuws voor Medine en andere stressvogels is dat er iets te doen valt aan een suboptimaal geluksgevoel. Voor een deel is geluk namelijk maakbaar. Volgens een aantal wetenschappelijke onderzoeken is ons geluksgevoel voor 50 procent genetisch bepaald. Uit research naar eeneiige tweelingen blijkt bijvoorbeeld dat ze weinig verschillen wat geluk betreft, ook als ze niet samen zijn opgevoed. Voor slechts 10 procent houdt ons geluk verband met onze omstandigheden. Weinig of veel geld, wel of geen relatie, een topbaan of niet – het is allemaal van beperkt belang. Dat kan zowel slecht als goed uitpakken. Wie een dikke prijs in de loterij wint, zal zich na een tijdje weer net zo voelen als voorheen. Alles went, ook een obese bankrekening. Maar voor narigheid – een verbroken relatie, een ontslag – geldt eveneens dat mensen zich na een tijdje weer de oude voelen. Dan blijft er nog 40 procent over. En over die 40 procent kunnen we controle uitoefenen.

The time is now

Hoe doen we dat, ons geluksgevoel beïnvloeden? Voorop staat in elk geval dat het najagen van roem en geld doorgaans weinig geluk oplevert. Dat wisten we natuurlijk al, je hoeft maar een roddelsite aan te klikken om te beseffen dat Hollywood dan wel Hilversum bepaald geen paradijzen van zen zijn. Wat poen betreft: je hebt een bepaalde hoeveelheid nodig om je oké te kunnen voelen. Armoede veroorzaakt veel kopzorgen en ellende. Van de Nederlanders met de laagste inkomens zegt 6 procent ongelukkig te zijn, bij de hoogste inkomens is dat maar 1 procent. Maar boven anderhalf keer modaal word je niet gelukkiger van nog meer geld. Je kunt je energie dus beter in andere zaken stoppen. En nee, het is geen egoïstische exercitie om eens even lekker aan je eigen geluk te werken. Want van gelukkige mensen wordt iedereen blij. Happy types liggen niet alleen maar zelfgenoegzaam in een hangmat content te wezen, ze zijn energiek en goed voor anderen. Ook dat is wetenschappelijk bewezen. Gelukkigerds hebben meer vrienden, betere sociale contacten en scheiden minder vaak.

Hoe doen we dat, ons geluksgevoel beïnvloeden?

Advertisement - Continue Reading Below

Sterke connecties met anderen zijn van het grootste belang als het op geluk aankomt. Maar er zijn meer zaken die invloed kunnen uitoefenen op ons geluksgevoel. In haar boek De maakbaarheid van het geluk (Lev.) zet Sonja Lyubomirsky activiteiten op een rij, waaronder het koesteren van sociale relaties maar ook cultiveren van optimisme en werken aan spiritualiteit. Leandra Medine zit dus op het goede spoor met haar gesprekken met haar moeder en haar meditatie, al helpt het haar niet genoeg. Wellicht omdat ze er te weinig uren voor inruimt. Volgens Lyubomirsky besteden we een groot deel van onze tijd aan zaken die ons maar een klein beetje gelukkiger maken. Daarbij werkt het voor iedereen weer anders en moet je doen wat bij je past. Misschien krijg je bij het woord meditatie griezelige visioenen van muffe wierookwalmen en ga je liever een eind wandelen om je geest leeg te maken. Wie weet is je moeder een onversneden takkewijf en is praten met een goede vriendin een veel beter idee. Hoe dan ook: het is wijs om te kijken naar Lyubomirsky's adviezen, want ze zijn allemaal gebaseerd op degelijk wetenschappelijk onderzoek.

Alles went

Eerst maar eens Lyubomirsky's advies om sociale relaties te koesteren. Gelukkige mensen hebben meer en betere banden met anderen, en deze banden maken hen weer gelukkiger. Een schitterende wisselwerking. Mensen zijn nu eenmaal sociale wezens, door innige relaties voelen we ons verbonden. We floreren door warmte en uitwisseling met anderen. Bovendien hebben relaties minder te lijden onder wat hedonistische adaptatie heet. Dat is het verschijnsel dat werd genoemd in verband met het winnen van een flinke geldprijs. Na een tijdje zit je weer op je oude geluksniveau, want dan ben je gewend aan je volumineuze portemonnee. Hetzelfde geldt bijvoorbeeld voor promoties, make-overs en verhuizingen. Die nieuwe functie, frisse kop of kapitale villa is voor je het weet weer normaal. Weg kick. Maar toffe vrienden, snoezige kinderen of een kanjer van een echtgenoot blijven een stuk langer leuk.

Het is dus een goed idee om in je relaties te investeren. Dat doe je in de eerste plaats door er tijd voor te maken. Leg die telefoon nou eens een end weg en ruk je los van Netflix. Praat met elkaar. En zeg dan ook wat je allemaal zo formidabel vindt aan de ander. Je mag heus weleens zeveren, maar alleen als je ook gul bent met loftuitingen. Leef je in elkaar in, steun elkaar en wees blij met de successen van de ander. Dat geldt allemaal voor zowel liefdesrelaties als vriendschappen. Maar zelfs het vriendelijk benaderen van wildvreemden draagt bij aan je geluk, aldus Lyubomirsky. Onderzoeken laten zien dat goede daden – een dakloze geld geven, je oude buurman wegwijs maken in Whatsapp, een verpleeghuis bezoeken­ – mensen gelukkiger maken. Dat geldt voor zowel de goeddoeners als de ontvangers en of die laatsten nou bekenden of vreemden zijn.

Een behulpzame collega zijn is ook al mooi.

Er zijn veel redenen waarom goeddoen gelukkig maakt. Je maakt je nuttig en krijgt daar ook nog eens waardering voor. Door iemand te helpen krijg je ook meer begrip en mededogen voor die persoon. Je ontwikkelt een gevoel van solidariteit en ziet vaak in dat het met jouw leven zo slecht nog niet gesteld is. Stel dat je vluchtelingen helpt, dan dringt het flink door dat je mazzel hebt dat jij gratis en voor niets bent geboren in een land zonder oorlog. Je zelfbeeld krijgt daarnaast een leuke oppepper, want je bent natuurlijk best een toffe peer als je anderen helpt. Wie weet ontdek je zelfs nieuwe kanten van jezelf en blijk je een ster in het entertainen van bejaarden of fiksen van paperjams op je werk. Let wel een beetje op jezelf bij je goede werk, zegt Lyubomirsky. Zorg dat het geen sleur wordt en kies voor iets wat je sowieso graag doet, dan haal je er het beste uit. Je hoeft echt geen drie dagen per week poep te scheppen in een kinderboerderij, ga voor iets wat bij jou en jouw leven past. Een behulpzame collega zijn is ook al mooi.

Kittens en regenbogen

Je zou van het doen van goed werk een doel kunnen maken, wat op zichzelf ook kan bijdragen aan je blijheid. Research wijst uit dat het stellen van doelen gelukkig maakt, of het nu gaat om Italiaans leren, een wereldreis plannen of de choreografie van Beyoncés Single Ladies onder de knie krijgen. Dat komt omdat de juiste doelen onze basale psychologische behoeften aan autonomie, competentie en verbondenheid bevredigen. Als je Italiaans leert, geeft je dat een gevoel van onafhankelijkheid en bekwaamheid, en je kan lekker babbelen met je cursusgenoten en Italianen. Een kanttekening: doelen die uit jezelf komen werken het beste. Als je arts wil worden omdat pa en ma dat van je verwachten, word je minder gelukkig van je diploma dan wanneer je arts wil worden omdat je dat nu eenmaal een machtig beroep vindt.

Sonja Lyubomirsky noemt naast de voorgaande activiteiten nog andere in haar boek, twaalf in totaal. Zoals leren vergeven, dankbaarheid tonen, je flow-ervaringen versterken en mediteren. Blogger Leandra Medine zou veel kunnen hebben aan het hoofdstuk dat je leert om meer in het moment te leven. Overigens weet Lyubomirsky heus dat haar adviezen op het eerste gezicht soft en tuttig kunnen aandoen. Zelf werd ze als puber ook behoorlijk mesjogge van een vriendinnetje dat haar muren vol had geplakt met kittens, regenbogen en kreten als 'Heb het leven lief!' Maar ze moet na al haar wetenschappelijk onderzoek toch bekennen dat sommige spreuken het bij het rechte eind hebben. En zo soft is het allemaal niet, werken aan geluk vergt flinke inspanning. Het is zoiets als sport. Als je van nature niet bent gezegend met een topconditie, kun je er door te trainen toch voor zorgen dat je niet steeds weer piepend bovenaan een trap staat. Volgens Lyubomirsky passen veel mensen het idee van inspanning niet toe op hun emotionele levens, omdat ze denken dat aan geluk toch niet veel te veranderen valt. Maar dat kan, al is het in beperkte mate, dus wel. Gelukkig maar.

De originele versie van dit artikel verscheen eerder in ELLE oktober 2016.